Boompjes planten in eigen tuin met Plan Boom

In heel Nederland in vier jaar tijd 10 miljoen bomen planten. Dat is het doel van Plan Boom en iedereen kan daaraan bijdragen. Zo heeft Plan Boom nu een Boompjes voor beginners-pakket ontwikkeld met drie inheemse boompjes. Gemakkelijk online te bestellen en thuis afgeleverd. Zo kunnen ook mensen zonder groene vingers meedoen om Nederland groener, mooier en gezonder te maken.

Projectleider Plan Boom Max Zevenbergen: “Voor de pakketten hebben we gekozen voor de Mispel, Gele Kornoelje en de Gewone Vlier. Inheemse soorten, die het met hun kleur en vruchten goed doen in iedere (stads)tuin. Er zijn twee pakketten met ieder drie boompjes. Bij pakket 1 Ik heb de ruimte, krijg je drie boompjes thuis afgeleverd. Bij pakket 2 Voor mij en ergens anders, krijg je 1 boompje thuis afgeleverd en doneer je 2 boompjes die Plan Boom op een mooie locatie ergens in Nederland plant.” Beide pakketten kosten 25 euro. Bestellen kan op: www.boompjesvoorbeginners.nl.

Samenwerking met de Groene Boerderij

Plan Boom wil in de hele keten bijdragen aan een duurzamer Nederland. Voor het verpakken van de boompjes is daarom samenwerking gezocht met de Groene Boerderij, een zorgboerderij in Den Ilp. Amber Groeneveld: “Wij zijn heel blij met deze samenwerking. Onze missie is om onze plek te delen met anderen en te leren leven met de natuur en elkaar. Dat doen wij onder meer met onze zorgboerderij en ons voedselbos en duurzaam te leren leven met de natuur, elkaar en onszelf.” Het hele jaar kunnen de pakketten worden besteld, uitlevering wordt gedaan gedurende het plantseizoen van november tot maart.

Plan Boom is een project van de Natuur en Milieufederaties, LandschappenNL en partners Trees for All, LSA bewoners, stichting wAarde en het Rotterdams Milieucentrum, de Gezonde Stad Amsterdam en Duurzaam Den Haag. Samen planten zij met heel Nederland 10 miljoen bomen. Overheden, buurtinitiatieven, grondeigenaren en nu dus ook mensen met een eigen tuin(tje) helpen mee om dit doel te realiseren. De Postcode Loterij ondersteunt de campagne.

 

 

Aan de slag met de Rotterdamse omgevingsvisie

Ook de gemeente Rotterdam is aan de slag met de omgevingsvisie, in het kader van de nieuwe omgevingswet. Ter onderbouwing van deze omgevingsvisie voor onze stad wordt eerst onderzoek gedaan naar de te verwachten effecten daarvan.

 

De resultaten van dit onderzoek worden beschreven in het Rotterdamse omgevingseffectrapport (het ROER), eigenlijk is dit een PlanMER. Deze milieueffectrapportage is nodig voor de onderbouwing van de omgevingsvisie.

Lees er HIER meer over.

Naar aanleiding van de uitgangspunten voor dit onderzoek (naar de effecten van de omgevingsvisie) heeft het Rotterdams Milieucentrum, samen met de Natuur – en Milieufederatie Zuid Holland, Natuurmonumenten en het Zuid Hollands Landschap een zienswijze geschreven. Hoewel de natuur – en milieuorganisaties positief staan tegenover de uitgangspunten willen zij dat een aantal punten wordt meegenomen in het onderzoek.

Compact

Er zal een goed evenwicht gevonden moeten worden tussen het streven naar de ‘compacte stad’ en het behoud van bestaand stadsgroen. Oftewel het bouwen in het bestaande en spaarzame groen moet niet een uitgangspunt worden om tot een compacte stad te komen. Daarnaast blijft het huidige dakoppervlak in de stad vrijwel onbenut. De daken geven de mogelijkheid om gebruiksgroen toe te voegen aan de compacte stad.

Gezond

Biodiversiteit: Biodiversiteit gaat wereldwijd achteruit. Steden kunnen een bijdrage leveren aan het behoud van soorten en het versterken van natuurbeleving. Door stedelijk groen (parken, tuinen, bedrijfsgroen, straatgroen) met de juiste beplanting in te richten en ecologisch te beheren wordt biodiversiteit ondersteund. Graag zien wij in de plannen terug op welke wijze gemeente Rotterdam de biodiversiteit in de stad wil gaan verbeteren.

Luchtkwaliteit: Om een gezonde buitenlucht voor de mensen in de stad te waarborgen is het nodig binnen de gestelde WHO normen te blijven. Om dit goed te kunnen monitoren zou het vanzelfsprekend moeten zijn hier aandacht aan te geven in de mobiliteitsplannen die worden opgesteld. Daarnaast zullen goede verkeerscirculatieplannen moeten voorkomen dat er doorgaande routes door Rotterdam blijven lopen. Hiermee zal er aandacht moeten zijn om  het gemotoriseerd verkeer af te afzwakken om te komen tot een autoluwere stad. Op welke wijze worden deze punten uit de coalitie gezond verkeer vorm gegeven in de Omgevingsvisie?

Openbaar vervoer: Onderdeel van mobiliteitsplannen is ook het goed benutten en uitbreiden van het openbaar vervoer. Zoals bijvoorbeeld het benutten van de tunneltraverse tussen noord- en zuid Rotterdam als snelle en schone OV verbinding.

Parkeren: Wordt er ook aandacht besteed aan de parkeernormen voor nieuwe kantoren/bedrijven die veelal voldoende OV in de directe omgeving hebben?

Fiets: Om te komen tot een gezonde en vitale stad zal naast het Openbaar Vervoer ook de fiets meer ruimte moeten krijgen. Meer ruimte voor de fiets in de stad door middel van goede fietsverbindingen en voldoende fietsenstallingen.

Stikstof: Natuurorganisaties voeren diverse herstelmaatregelen uit om de schade van stikstof in natuurgebieden te herstellen. Maar zolang de stikstofuitstoot niet omlaag gaat, is het dweilen met de kraan open. Daarom is het verminderen van de uitstoot aan de bron van essentieel belang. Wij vragen dan ook aan de gemeente Rotterdam op welke wijze er wordt gewerkt aan de reductie van stikstof in de stad.

Hittestress: Het wordt steeds warmer in Nederland en de warmte wordt langer vastgehouden. Met name in steden is deze trend goed merkbaar en de verstedelijking blijft toenemen. Wat zijn de plannen van Rotterdam om hittestress in de stedelijke omgeving tegen te gaan?

Productief

Bedrijfsvoering is van groot belang in de stad, ook hier kunnen de nodige bijdragen worden geleverd aan een schonere stad. Op welke wijze gaat de gemeente Rotterdam werken aan een effectief en schoon stadsdistributiesysteem dat moet voorkomen dat vervuilend vrachtverkeer de stad in moet voor de aflevering van goederen bij winkeliers en overige bedrijven?

Circulair

Zonne-energie: In de stad Rotterdam zijn er een tal van ongebruikte daken. Op scholen, bedrijfspanden etc. Veel van deze daken zijn geschikt voor een zonnedak. Het zou dan ook zeker van meerwaarde zijn wanneer de gemeente Rotterdam een visie zou ontwikkelen op welke wijze deze daken benut kunnen worden voor zonne-energie?

Groen in de stad: In het stedelijke gebied verdwijnt groen, bijvoorbeeld door nieuwe woningen, het verharden van pleinen met steen of cement en het bouwen van bedrijventerreinen. En er zijn ook steeds meer mensen die hun tuin betegelen. Groen in de stad is nodig voor een klimaatbestendige en leefbare stad. In de afgelopen jaren hebben de ontwikkelingen ten aanzien van stedelijk groen stil gestaan, de kans dit aan te pakken is er nu. Graag zien wij dan ook op welke wijze de gemeente Rotterdam invulling gaat geven aan een klimaatbestendige stad.

Inclusief

Natuurinclusief: Natuurinclusief bouwen geeft de mogelijkheid een gezonde en aantrekkelijke stad te creëren. Het is een feit dat goed stedelijk groen voor verkoeling zorgt in de zomerhitte, het zuivert de lucht en biedt volop ruimte aan mede-stadsbewoners, zoals huismus, gierzwaluw, merel of gewone dwergvleermuis. Juist dankzij deze bevolkingsgroepen komen steden en dorpen pas écht tot leven. Op welke wijze gaat de gemeente Rotterdam hier een invulling aan geven?

Waterberging en vergroening: De klimaatverandering heeft een duidelijk impact op de stad, heftige regenbuien kunnen veelal niet worden opgevangen. Waterberging en vergroeningsplannen, bijvoorbeeld op daken, zouden een oplossing kunnen zijn van dit probleem waarvan de uitwerking in de Omgevingsvisie op zijn plek zou zijn.

Beleidsnotities

De gemeente staat voor vele uitdagingen die vertaald zijn in diverse beleidsnotities en plannen op het gebied van hittestress, zon op dak, mobiliteit, vergroening, verduurzaming van de bestaandebouw, klimaatadaptatie, het klimaatplan, de resilience-aanpak, water, circulair, etc. De Omgevingsvisie is bij uitstek het medium deze beleidsnotities, uitgangspunten, doelen, stippen op de horizon en plannen tot één geheel te maken: een samengevatte stadsaanpak.

Participatie

Als natuur- en milieuorganisaties hebben wij een breed netwerk. Er zijn vrijwilligersorganisaties die zich verbonden voelen met de stad inclusief de omgeving, en de ontwikkelingen die hier plaats vinden. Het zou een gemiste kans zijn hier geen gebruik van te maken. Wij willen dan ook graag met de gemeente Rotterdam mee denken op welke wijze de achterban van de natuur- en milieuorganisaties op een goede manier zou kunnen worden ingezet.

Lees de complete zienswijze HIER <<<

 

De GROENREDE(N) 2020 van de gebroeders Groen

Rotterdamse Parkenmaand. De maand september staat bol van wandelingen, tochten, workshops en kleine evenementen in de mooie parken in onze stad. Zondag 6 september werd de jaarlijkse GROENREDE(N) uitgesproken. Dit jaar door de gebroeders Groen. De Groenreden is hier te downloaden: Groenrede.n.2020.GebroedersGroen

Bekijk en beluister de Groenrede(n) van de Rotterdamse tweeling biologen hier:

Groenrede(n)

Vorig jaar 2019 sprak de directeur Kees Moeliker van het Natuurhistorisch Museum de groene rede(n) uit en het jaar daarvoor in 2018 Wim Pijbes van de stichting Droom en Daad. Dit jaar spreken de gebroeders Groen (de tweeling biologen) de derde Groenrede(n) uit.

Programma Parkenmaand

Het programma kan je vinden op de website www.parkenmaand.nl, sommigen zijn gratis, enkelen voor een kleine bijdrage. De meeste activiteiten worden georganiseerd door de parkvrijwilligers, maar ook de Rotterdamse boswachters doen weer mee met een aantal mooie rondleidingen door ‘hun’ park. Het aantal deelnemers is vanwege de coronamaatregelen berperkt dus wees er snel bij! De meeste activiteiten zijn HIER te boeken een aantal activiteiten is direct bij een organisatie, park of tuin te boeken.

Foto impressie van de GROENREDE(N) in het Heemraadspark op 6 september met muziek van PadamPadam, theater de Wereldwachter, de Bloesembar en droomparken schilderen in de Kleurbende.

 

De Groeneconferentie 2019 in Arminius op video

Korte video impressies van de 15de Groeneconferentie op woensdag 18 december in debatcentrum Arminius.

Met de sprekers Niels de Zwarte van het Natuurhistorisch Museum, Professor Derk Loorbach van Drift, stadsmaker Robbert de Vrieze van Stadslab Luchtkwaliteit en de wethouder duurzaamheid Arno Bonte. De GroeneVogel vrijwilligersprijs werd uitgereikt aan de Roze Brigade van het Zelfregiehuis in Bospolder Tussendijken, de Groene Pluim voor de groenste overheidsdienaar van het jaar 2019 ging naar wethouder Arno Bonte. Een nieuwe lichting milieucoaches van ‘opZuinig!‘ kreeg hun certificaten. Na de pauze was er debat met het panel, de wethouder en de zaal. De conferentie werd weer geleid door Suzanne Mulder. Zie hieronder de video samenvatting maar ook korte filmpjes van de sprekers en columnist , de uitreiking van de prijzen, de milieucoaches en het debat -.

De column van Inge Janse – Groene conferentie 2019

Zoals ieder jaar leest journalist Inge Janse zijn column tijdens de Groeneconferentie. Dit jaar woensdag 18 december in het Arminius debatcentrum. Een conferentie over Rotterdam in de toekomst. Lees het:

Groene conferentie 2019: acceptabel versus effectief

Goed nieuws! U hoeft niet bang te zijn! Echt niet! Want in tegenstelling tot de afgelopen twee jaar, waarin ik mijn column tijdens de Groene Conferentie schaamteloos misbruikte om op pretentieus-literaire wijze de aanwezige politici tot houtskool te roosteren, heb ik allereerst bemoedigende woorden voor u allen. Zelfs voor Arno Bonte!

U bent namelijk onderdeel van, of geïnteresseerd in, de toekomst. En daarmee bent u in mijn ogen onderdeel van de oplossing. Want of het nou luchtkwaliteit, klimaatactiviteit, fietsvriendelijkheid, maatschappelijke gelijkwaardigheid, woningtoegankelijkheid of zorgeffectiviteit betreft: we moeten vooruit. En u wilt dat!

Natuurlijk, iedereen streeft naar een betere wereld. Maar in de realisatie van dat ideaal is een strijd gaande tussen zij die een betere wereld zien als één die er was, en zij die een betere wereld zien als één die er moet komen. Noem het conservatief versus progressief. 

Zij die een betere wereld willen realiseren, moeten daarvoor veel veranderen. En dát is een probleem. Voor verandering geldt namelijk één zeer belangrijke spelregel, tijdloos geformuleerd door de dichter J.C. Bloem: “Iedere verandering is een verslechtering, zelfs een verbetering.” Oftewel: iets veranderen roept altijd weerstand op, hoe goed de verandering ook uitpakt.

Dat maakt de idealen van zij die willen behouden wat er was, de conservatieven, ook zo lekker makkelijk. Want wie niets verandert, roept ook geen weerstand op. 

Maar willen progressieven een betere wereld krijgen, dan moeten er zaken veranderen, en dat roept weerstand op. Auto’s, vlees, vliegtuigen, CO2, zwarte piet, vuurwerk, bio-industrie, stikstof, sigaretten, kolencentrales, suiker, de Telegraaf: u, progressieven, moet er maar lekker met uw klauwen vanaf blijven. 

Daardoor staan de kampen van de conservatieven en de progressieven lijnrecht tegenover elkaar. En omdat we in Nederland graag polderen, eindigen we in een bestuurlijk en maatschappelijk moeras vol keuzes die vlees noch vis zijn. Want, in de woorden van Erik Verhoef, hoogleraar vervoerseconomie aan de Vrije Universiteit: “effectieve oplossingen zijn niet acceptabel en acceptabele oplossingen zijn niet effectief.” 

Dat moeras levert vanuit conservatieve zijde regelmatig prachtige illusies van pseudo-vooruitgang op. Neem het idioom van Mark Rutte. Aan de vooravond van de klimaatconferentie in Madrid omschreef onze premier op onnavolgbaarKafkaïaanse wijze hoe zijn ideale beleid eruit ziet: én ambitieus zijn én niets hoeven te veranderen. In Groot-Brittannië zouden ze zeggen: you can’t have the cake and eat it too. 

Maar ook in Rotterdam zijn we goed in acceptabel klinkend, maar ineffectief beleid. Leefbaar Rotterdam is mijn grote favoriet in het bakken van omeletten zonder eieren te breken. Volgens de conservatieve partij is haar deze maand uitgebrachte klimaatstandpunt ‘Realistisch, haalbaar, betaalbaar en met behoud van onze welvaart!’. Dat we daarvoor nog enkele decennia moeten wachten totdat de gedroomde thoriumreactoren in de Spaanse Polder staan, laat de partij wijselijk onvermeld. 

Ook de VVD in Rotterdam houdt van bitterballen die je opeet en tóch bewaart. De liberalen willen namelijk dat er én meer terrassen komen én dat dit niet ten koste mag gaan van parkeerplaatsen. Want, schreef zij afgelopen herfst: “Het laatste wat de Rotterdamse VVD wil is dat hardwerkende Rotterdammers moeten vechten voor een parkeerplek dicht bij huis.” Waar deze terrassen dan wél moeten komen, en hoe dit níet voor hogere parkeerdruk zorgt, daarvoor moet de partij nog wat langer in haar glazen bitterbal kijken.

Het CDA raakt logischerwijs door de Bijbel geïnspireerd in zijn zoektocht naar consequentieloze verandering. Deze zomer hoopte de partij op een mirakel dat niet onder doet voor de wonderbaarlijke spijziging door Jezus via vijf broden en twee vissen. “Rotterdam krijgt er tot 2040 50.000 woningen bij en dat is hard nodig”, schrijft de partij. “Een groeiende stad heeft echter ook voldoende ruimte voor sport en recreatie nodig. Dat evenwicht moeten we bewaren!” Dus én meer grond gebruiken én meer grond overhouden? Het is te hopen dat de partij menig tollenaar in de gelederen heeft om deze paradoxale rekensom tot een goed einde te brengen.

Kijk, het moge duidelijk zijn: progressieve partijen bestaan ook niet enkel uit mensen en ideeën van het hoogste intellectuele niveau. Was het maar zo’n feest. Zelf stem ik sinds kort GroenLinks, maar ik heb altijd de neiging mezelf te verdedigen als ik dit aan iemand toegeef. “Ja, sorry, ze zijn wat irrationeel in hun voortvarendheid, natuurlijk kun je de hele fossiele industrie niet in één keer vergroenen, maar ik vind de idealen goed, en zo lang ze niet te groot worden, is er niets aan de hand.” 

Want, en laat ik dat benadrukken: als progressieven hier in Rotterdam aan de absolute macht komen, dan verwacht ik in plaats van de huidige ineffectieve lethargie vooral veel chaos. De hoeveelheid weerstand uit conservatieve hoek die de eindeloze reeks radicale revoluties van de progressieven zou oproepen, laat de vier ruiters van de apocalyps handenwrijvend aan de stadsgrens bij Beverwaard staan. “Nee, laat ze maar even, ze hebben in Rotterdam een participatiemaatschappij waarbij ze zelf met de eindtijd starten”, zegt Antichrist, terwijl Oorlog wat extra olie op het vuur gooit door 100 extra zetels aan de Partij van de Dieren te geven, en Honger en Dood nog wat parkeervakken omtoveren in terrassen voor luidruchtige Britten die laveloos lallend in een actieradius van 200 meter de wijk tot diep in de nacht wakker houden.  

Maar toch. Willen we ooit verder komen, dan moeten we voorbij de impasse van effectief versus acceptabel. Ik wens en hoop dat deze avond daaraan bijdraagt. Wie weet draait J.C. Bloem zich op een goed moment om in zijn graf, onderwijl met tegenzin mompelend ‘in Rotterdam is iedere verandering een vooruitgang, zelfs een achteruitgang.”

Dank u wel.

(Inge Janse 18 december 2019)

WALL OF FAME Groenevogels en Groenepluimen

Woensdagavond 18 december wordt tijdens de Groeneconferentie in Arminius weer de Groenevogel vrijwilligersprijs en de Groenpluim uitgereikt. De Groenevogel geeft een extra erkenning aan mensen in de stad die zich hard inzetten voor groen, duurzaamheid en het milieu. De vogel wordt traditiegetrouw uitgereikt door een lid van het college van Burgemeester en Wethouders. De Groenevogel werd in 2004 voor het eerst uitgereikt. De Groenepluim is een prijs voor de groenste ‘overheidsdienaar’ van het jaar en werd in 2005 voor het eerst uitgereikt.

De WALL OF FAME Groenevogels 2004 – 2018: 

2004: Piet Rensen, oprichter, vrijwilliger Vogelopvang de Houtsnip
2005: Jeanne van der Velden, vrijwilliger, voorzitter de Bomenridders
2006: Willemien Troelstra, voorzitter en vrijwilliger Milieudefensie afdeling Rotterdam
2007: 22 jongeren Milieuvoorlichters
2008: Yolanda Folmer, voorvechtster voor de gierzwaluwen, gierzwaluwwerkgroep
2009: Nicole Hooven, initiatiefneemster Rotterdamse Oogst festival en markt
2010: Jan Ochtman, voorzitter Stichting de Vlinderstrik
2011: Jan de Haas, oprichter studio Hergebruik en voorzitter Rotterdamse Parkenoverleg
2012: Alle (vrijwilliger) milieucoaches van “opZuinig
2013: Arianne Lelyveld, oprichtster energiecoöperatie Blijstroom
2014: Vrijwilligers van de Voedseltuin in Rotterdam
2015: Vrijwilligers Carnissetuin
2016 Jaap Faber voorzitter van de huurdersvereniging IJsselmonde en Lex Stello van de VVE Mullerpier
2017 Het team van het Rotterdam Klimaat Initiatief
2018 De vrijwilligers van vogelklas Karel Schot en vogelopvang de Houtsnip 

Bijzondere groene ere-vogels:
2009: Ton Dorrestein, directeur Blijdorp
2009: Frans van der Steen, directeur Haags Milieucentrum
2013: Emile van Rinsum, directeur Rotterdams Milieucentrum

De WALL OF FAME Groenepluimen
2005: Jos van de Vondervoort, bomenspecialist van de gemeente Rotterdam
2006: Ton Vermie, ambtenaar achter de overstap van bio-brandstoffen voor het gemeentelijk wagenpark.
2007: Mark Harbers, wethouder milieu (college van B&W tbv. de klimaatambities)
2008: Jan Fischer, ambtenaar Gemeentewerken trekker Groenjaar 2008
2009Arno Struik en Peter Holswilder Gemeentewerken, duurzame verlichting
2010: Alexandra van Huffelen, wethouder Duurzaamheid 
2011: Jan Rotmans, professor transitiekunde Erasmus Universiteit
2012Tom van Wanum, schooltuinmeester NME Rotterdam
2013: Niels de Zwarte, stadsecoloog, bureau Stadsnatuur
2014: Remmert Koch groenbeheerder, Stadsbeheer Rotterdam 
2015: Kees van Oorschot, “stadslandbouwambtenaar” bij de gemeente Rotterdam
2016: Wethouder Pex Langenberg
2017: Burgemeester Aboutaleb
2018: De Rotterdamse groenedakenambtenaar Paul van Roosmalen 

De Groenevogels
De Groene Vogel vrijwilligersprijs wordt al sinds 2004 uitgereikt. De eerste vogel werd door loco-burgemeester Lucas Bolius overhandigd aan Piet Rensen van Vogelopvang de Houtsnip in Hoek van Holland. De prijs ging in 2005 naar een zeer actieve Hoogvlieter namelijke: Jeanne van der Velden voorzitter van de Bomenridders. In 2006 naar Willemien Troelstra van de lokale afdeling van Milieudefensie en in 2007 werden in een volle Steigerkerk 22 kleine groene vogeltjes uitgereikt aan 22 enthousiaste jongeren, allemaal vrijwilligers een cursus Milieuvoorlichter bij het Milieucentrum hadden gevolgd en voorlichten gingen geven op voortgezet – en beroepsonderwijs. 

Gierzwaluwvoorvechtster Yolanda Folmer ontving de vrijwilligersprijs in 2008. De oprichtster van de Rotterdamse gierzwaluwenwerkgroep had dat jaar nog een complete gierzwaluwkolonie in de wijk Kralingen kunnen redden door Jan en alleman te bewegen tot actie. De grondlegster van de nu zo zeer succesvolle “Rotterdamse OogstmarktNicole Hoven mocht de vogel in 2009 in ontvangst nemen. In 2010 was Jan Ochtman aan de beurt om de prijs in ontvangst te nemen. Jan is (nog steeds) de voorzitter van de stichting de Vlinderstrik en voorvechter voor het behoud van dit bijzondere stukje natuur aan de Noordrand. Jan de Haas was tot 2011 de actieve voorzitter van het Rotterdams Parkenoverleg. Bij zijn afscheid kreeg hij de vogel uit handen van toenmalig wethouder Alexandra van Huffelen en niet alleen voor zijn vrijwilligerswerk voor de parken maar ook omdat hij belangeloos Studio Hergebruik had opgericht en uitgebouwd tot een zeer populaire winkel met hergebruikkunst aan de Coolsingel. In 2012 was het weer een hele groep die (kleine) vogels in ontvangst mocht nemen: de milieucoaches die in de Rotterdamse wijken voorlichting geven over energiebesparing en duurzaamheid.

De (mede)oprichtster van energiecoöperatie Blijstroom Arianne Lelyveld mocht de Groene Vogel in 2013 in ontvangst nemen en in 2014 kwam wethouder Joost Eerdmans de vogel uitreiken aan de vrijwilligers van de Voedseltuin en zoals al gezegd. In 2015 ging de vogel naar de vrijwilligers van de Carnissetuin. Jaap Faber, de voorzitter van de huurdersvereniging IJsselmonde en voorzitter Lex Stello van de VVE Mullerpier kregen de vogel in 2016 vanwege hun enorme inspanning om de huur – en VVE-complexen te verduurzamen. Het (jonge) vrijwilligersteam van het Rotterdams Klimaat Initiatief ontving de Groenevogel in 2017 tijdens het ‘Kolendebat’. Vorig jaar mochten de vrijwilligers van Vogelopvang Karel Schot en De Houtsnip de prijs in ontvangst nemen. Zij kregen hem uit handen van wethouder Bert Wijbenga

Jan Meijer
Beeldend kunstenaar Jan Meijer maakt de Groenevogel als sinds 2004. Een kunstwerkje gemaakt van een boomstronk of tak in de vorm van een vreemde vogel. Naast dit natuurlijke kunstwerkje ontvangen de winnaars van de vogel ook nog een geldbedrag.

Groeneconferentie over Rotterdam in de toekomst | 18 december

Tijdens de 15de Groeneconferentie gaan we op zoek naar visie. Visie op groen, natuur en het verkeer in Rotterdam. Er zijn veel plannen voor groene boulevards, vele hectaren extra groen en andere vormen van mobiliteit. Maar is er samenhang? Zit er een visie achter deze plannen? Hoe ziet Rotterdam er in de toekomst uit?

We praten er over met bewoners, wetenschappers, politici en plannenmakers tijdens de 15de Groeneconferentie in Rotterdam.  Woensdagavond 18 december vanaf 19.30 uur in Arminius, aanmelden via www.groeneconferentie.nl

Presentatie: Suzanne Mulder (RTV Rijnmond).

Met Professor Derk Loorbach (DRIFT, Erasmus Universiteit), stadsecoloog Niels de Zwarte (Bureau Stadsnatuur Natuurhistorisch Museum), Robbert de Vrieze (Groene connectie en Stadslab Luchtkwaliteit), Arno Bonte (wethouder Duurzaamheid), Anke Griffioen, Jeanne Hogenboom (coalitie Gezond Verkeer & B.O.O.G. Bewoners- en Ontwikkelings Organisatie ‘s-Gravendijkwal).

Columnist: Inge Janse.

Uitreiking: Groenevogel vrijwilligersprijs en de groene pluim voor de groenste overheidsdienaar van 2019.

 

 

Plan B(oom) voor 10 miljoen extra bomen

De Postcode Loterij gaat de aanplant van 10 miljoen bomen in Nederland mogelijk maken met een extra schenking van 2.250.000 euro aan de Natuur en Milieufederaties,. De federaties gaan hierin samenwerken met de Gezonde Stad Amsterdam, Duurzaam Den Haag en het Rotterdams Milieucentrum. Men wil met het ‘Plan Boom’ werken aan een gezond klimaat in een groene omgeving.

De aanplant van bomen in tuinen, bermen, plantsoenen, bedrijventerreinen en in het buitengebied verkleint de CO2-uitstoot maakt de leefomgeving mooier, groener, frisser en gezonder.

10 miljoen bomen
Zo’n 20 procent van de opwarming van de aarde wordt veroorzaakt door ontbossing. Er zijn steeds minder bomen om CO2 op te nemen uit de lucht. Ook Nederland ontbost nog steeds en daar willen de organisaties iets aan doen. Een boom bindt gemiddeld 1 ton CO2 in 50 jaar tijd. Tien miljoen bomen kunnen dus 10 miljoen ton CO2 binden. Daarbij zijn bomen een oplossing voor zoveel meer dingen: ze leveren een bijdrage aan biodiversiteit, hebben een positief effect op de gezondheid, op een schone leefomgeving en dragen bij aan ons geluksgevoel.

Voor en door burgers
De ambitie is om het naar schatting 344 miljoen aantal bomen in Nederland de komende vier jaar met zo’n 3% extra bomen uit te breiden. Plan Boom is bedoeld voor en door burgers. Door bomen te planten in onze eigen omgeving kan iedereen een bijdrage leveren aan een beter klimaat.

Dankzij de deelnemers van de Postcode Loterij

De Natuur en Milieufederaties mogen als vaste beneficiënt sinds 1996 rekenen op jaarlijkse ondersteuning van de Postcode Loterij. De bekendmaking van deze extra schenking aan de Natuur en Milieufederaties is gedaan in aanloop naar het Goed Geld Gala van de Postcode Loterij maart 2020. Dan maakt de Loterij bekend welk bedrag zij in totaal dankzij haar deelnemers aan goededoelenorganisaties kan schenken. De helft van de inleg van deelnemers aan de Postcode Loterij gaat naar goede doelen op het gebied van mens en natuur. Vorig jaar was dit een totaalbedrag van ruim 357,5 miljoen euro voor een betere wereld. 

De Rotterdamse Parkenmaand 2019 is afgetrapt!

Zondag 1 september werd de 7de Rotterdamse Parkenmaand officieel afgetrapt door wethouder buitenruimte Bert Wijbenga in Het Park bij de Euromast nadat Kees Moeliker (directeur Natuurhistorisch Museum) de groenrede(n) had uitgesproken. De aftrap werd omlijst door theater Ruut van Hooft met ‘de Wereldwachter’, Company with balls, het Orikadabra theater en de Kleurbende. Muzikaal omlijst door de Catscratchers!

Parkenmaand
In de Parkenmaand in september worden ruim honderd activiteiten georganiseerd in de Rotterdamse Parken. Van wandelingen, workshops tot dans en muziek. Door boswachters, parkbeheerders maar ook door veel vrijwilligers die actief zijn voor het beheer en behoud van groen in de stad.Meer informatie over de Parkenmaand op www.parkenmaand.nl.

Groenrede(n) 2019 van Kees Moeliker: “De stad is ook natuur”

De jaarlijkse groenrede(n): “De stad is ook natuur“. Uitgesproken door Kees Moeliker (directeur Natuurhistorisch Museum Rotterdam) bij de aftrap van de Rotterdamse Parkenmaand 2019 op 1 september jongstleden in Het Park.

Dames en heren, als u het treft en er ook een beetje oog en oor voor heeft, ziet en hoort u hier vandaag, 1 september 2019, hoog in de bomen van Het Park de bonte vliegenvanger. Laag bij de grond fladderen distelvlinder, bont zandoogje en gehakkelde aurelia. Hier bieden oude bomen nestgelegenheid aan blauwe reiger, boomklever en bosuil. De vijvers zitten vol zoetwatermosselen. Tongvarens vormen sporen en de muurleeuwenbek bloeit. De biodiversiteit van dit stadspark is groot, en dat geldt ook voor de verscheidenheid aan dieren en planten binnen de gemeentegrenzen van Rotterdam. Mijn collega’s van Bureau Stadsnatuur houden de stand nauwgezet bij: de teller staat momenteel op 1092 soorten dag- en (vooral) nachtvlinders, 925 soorten hogere planten, 352 soorten vogels, 264 soorten vliegen, 165 soorten mossen, 119 soorten bijen en hommels, 53 soorten vissen, 44 soorten zoogdieren, 40 soorten libellen, 24 soorten sprinkhanen, 11 soorten amfibieën en reptielen, en nu ben ik nog niet eens halverwege de lijst die nog steeds groeit. Onlangs werd er hier vlakbij, in de daktuin van het Erasmus MC, nog een nieuwe insectensoort voor Nederland ontdekt: een nog geen vier millimeter grote schildwesp. Gisteren werden er in het kader van de landelijke Nachtvlindernacht motten gevangen in het Essenburgpark – dat leverde de loeizeldzame Sint-Janskruiduil op.

Rotterdam dankt die rijke biodiversiteit aan een aantal factoren. Steden zijn net een tikje warmer dan het buitengebied, en dat help sowieso. We hebben hier het havengebied dat zich uitstrekt tot de Maasvlakte en Hoek van Holland, en onze stad heeft relatief veel en vooral grote parken. Samen met sloten, vijvers, binnentuinen, groene daken, wegbermen en andere micro-leefgebiedjes maken die onze stad tot een plek die de mens deelt met een grote verscheidenheid aan dieren en planten.

Wat hebben wij – stadsmensen – aan al dat natuurschoon? Bijna anderhalve eeuw geleden verkoos de schrijver George Gissing (1857-1903) het stadse leven in Londen voor dat op het Engelse platteland omdat – ik citeer – ‘parken niets anders zijn dan straatstenen verhuld onder een laagje gras’. Dat is nu wel even anders. Toen ik vorig jaar voor RTV-Rijnmond mocht meewerken aan de televisieserie ‘Rotterdammers in het Groen’ ben ik op prachtige groene plekken geweest. Hippe dakakkers, verborgen stadstuintjes, braakliggende terreinen, volkstuinen, zelfs een verlaten treinspoor dat als onderdeel van ‘de Groene Connectie’ door een heuse stadsjungle voert. Met overal enthousiaste mensen die er van genieten en er ook letterlijk zelf wat van maken. Ik heb gezien en ervaren hoe mijn stadsgenoten parken en tuinen op verschillende manieren omarmen als een natuurlijk verlengstuk van hun leefgebied.

Stadsnatuur is onmisbaar, voor iedereen. Stadsparken scharen zich onder de eerste levensbehoeften, en in vergelijking met betonwoestijnen hebben groene steden voordelen op het gebied van economie, gezondheid, welbevinden en (ecologische) veerkracht.

Een groene stad is (financieel) rijker en heeft een gunstig vestigingsklimaat, maar in dat economische voordeel schuilt een gevaarlijke paradox. Grond- en huizenprijzen nabij stadsparken zijn 10 tot 20% hoger dan elders in de stad en daardoor is de druk om in of bij parken te bouwen groot. Een stad die dat toelaat, snijdt zichzelf en haar bewoners in een levensader.

Het besef dat natuur goed voor de gezondheid is, kent een lange geschiedenis maar kreeg in de jaren tachtig van de vorige eeuw vleugels toen bleek dat patiënten die na een galblaasoperatie uitkeken op groen, sneller genezen dan zieken met dezelfde kwaal die vanuit hun bed slechts uitzicht hadden op een blinde ziekenhuismuur. Het Erasmus MC heeft de nieuwe daktuin echt niet alleen voor die schildwesp aangelegd. Wetenschappelijk onderzoek bewijst ook dat stadsmensen die een flinke portie buurtnatuur tot zich kunnen nemen, geestelijk en lichamelijk gezonder zijn dan mensen die dat moeten missen. Ziektecijfers zijn aanmerkelijk lager in groenere stadsdelen. Lagere niveaus van depressie, angst en stress blijken geassocieerd met het aantal vogels dat mensen in hun omgeving kunnen zien. Het horen van vogelzang doet daar nog een schepje bovenop: het is rustgevender dan het geluid van kabbelend water en het zachtjes tikken van regen. Zelfs het voeren van vogels levert een heilzame klik tussen mens en natuur.

Groen in steden zorgt ook voor een verhoogd gevoel van veiligheid, en parken zorgen voor sociale cohesie en -mobiliteit. Ook families uit Hillegersberg barbecueën, ondanks de beschikbaarheid van een riante eigen tuin, voor de sfeer en gezelligheid in het Vroesenpark.

Parken verhogen ook de ecologische waarde, de veerkracht en de duurzaamheid van steden. De eerder genoemde rijke biodiversiteit is ook op zich zelf al dikke winst, zeker ook omdat de natuurwaarden van het agrarische buitengebied achteruit hollen. De stad is een biotoop met eigen natuurwaarden. Op het gebied van veerkracht en duurzaamheid is berekend dat de 2,4 miljoen bomen die in het centrum van Beijing groeien, jaarlijks bijna 1.300 ton fijnstof wegvangen. In Chicago heeft één boom alleen al om die zuiverende werking een fictief prijskaartje van dik 400 dollar. Parken absorberen water dat anders voor overstromingen kan zorgen, en de temperatuur is er 1 tot 4 graden lager dan elders in steden. Wie heeft er in de afgelopen zomer geen verkoeling gezocht in een park?

Het is al met al logisch dat steeds meer mensen van stadsparken gebruik maken, en dat is goed. Maar hoe ver ga je met festivals en andere invasieve activiteiten in openbaar groen? De draagkracht van een park verschilt wezenlijk van die van een asfaltvlakte. De grens die gesteld moet worden, moet mensen de kans geven van het stadsgroen te genieten zonder uit het oog te verliezen dat juist het planten- en dierenleven de aantrekkelijkheid van parken bepaalt. Dat (natuur)besef moet bij parkbeheerders, festivalorganisatoren en -bezoekers dieper wortelen.

Rotterdam heeft nog geen duidelijk en breed gedragen ecologisch beleid voor de buitenruimte. Daar zou vol op ingezet moeten worden, want het toepassen van ecologische kennis in de stedelijke omgeving komt niet alleen plant en dier maar juist ook stadsmensen ten goede. Daarom alvast zes aanbevelingen:

(1) Maak groene verbindingen tussen parken, ook met het buitengebied;
(2) Koester braakliggende terreinen – dat zijn broedkamers van biodiversiteit;
(3) Laat eens wat groeien, maai met mate en bewust;
(4) Zorg niet alleen voor groen, maar ook voor kleur – wilde bloemen zijn onmisbaar voor insecten en fleuren mensen op;
(5) Betrek burgers bij aanleg en beheer van parken en tuinen – kennis en enthousiasme zijn onbetaalbaar;
(6) Bouw natuurinclusief – zodanig dat een bouwwerk bijdraagt aan de lokale biodiversiteit en natuurwaarden.

Tenslotte en bovenal, dames en heren, benadruk ik dat er niets, maar dan ook niets van bestaande parken afgeknabbeld mag worden voor woningbouw of wat dan ook .’

Rotterdam – 1 september 2019

Kees Moeliker
Directeur Natuurhistorisch Museum Rotterdam